Skip to main navigation Skip to search Skip to main content

Op weg naar een geïntegreerde aanpak van criminele erfenissen: Een bijdrage vanuit strafrechtelijk perspectief

Research output: Book/ReportBookAcademic

Abstract

Op 7 juli 2017 werd beroepscrimineel J. Wessels op een parkeerplaats bij station Breukelen geliquideerd. Na zijn gewelddadige dood bleven zijn erfgenamen niet met lege handen achter: de nalatenschap van Wessels omvatte luxe auto’s, dure horloges en een aanzienlijk geldbedrag. Deze casus dient als illustratie voor het onderwerp dat in dit boekje centraal staat: ‘de criminele erfenis’. Het Openbaar Ministerie (OM) zet de afgelopen jaren extra in op de strafrechtelijke aanpak van criminele erfenissen. Misdaad mag niet lonen: niet voor de crimineel, maar ook niet voor erfgenamen of derden die crimineel vermogen uit de erfenis in handen krijgen. In dit boekje gaan we in op het ontnemen van criminele erfenissen via het huidige strafrecht, de beperkingen die hierbij optreden en mogelijke oplossingen hiervoor. We definiëren de criminele erfenis als het deel van een nalatenschap dat bestaat uit vermogensbestanddelen die middellijk of onmiddellijk uit enig misdrijf afkomstig zijn. Hiervan kan sprake zijn in allerlei situaties, van het vermogen van een geliquideerde beroepscrimineel tot dat van een overleden zakenman of -vrouw die dit op illegale wijze blijkt te hebben vergaard. Om effectief op te treden tegen criminele erfenissen dient er een geïntegreerde aanpak te worden ontwikkeld waarin strafrecht, bestuursrecht – inclusief fiscaalrecht – en privaatrecht elkaar versterken. Het ontnemen van de criminele erfenis staat in deze aanpak centraal en het strafrecht zou hierbij het laatste redmiddel moeten zijn. In dit boekje wordt de strafrechtelijke bijdrage aan een geïntegreerde aanpak van criminele erfenissen wetenschappelijk onderbouwd. We streven ernaar om hiermee de strafrechtelijke aanpak van criminele erfenissen uiteen te zetten voor praktijkjuristen en beleidsmakers. Voor een inzicht in de strafrechtelijke aanpak van criminele erfenissen is het van belang om te weten dat de overledene in het Nederlandse strafrechtsysteem niet mag worden vervolgd of bestraft. Als gevolg hiervan kan het criminele vermogen meestal niet meer van de overledene zelf worden afgepakt. Binnen het huidige strafrechtelijke systeem is het namelijk niet mogelijk om de criminele erfenis af te pakken zónder een veroordeling. Dit betekent dat de pijlen van justitie niet zijn gericht op de overledene, maar op de erfgenamen en derden die de criminele erfenis in handen krijgen. Voor het ontnemen van een criminele erfenis via het strafrecht is het bepalend hoe deze erfgenamen of derden hierop reageren. ‘Welwillende erfgenamen’ stappen na aanvaarding van de erfenis direct naar politie of justitie om het criminele vermogen aan de staat over te dragen (scenario A). ‘Niet-welwillende erfgenamen of -derden’ (scenario’s B en C) houden het criminele vermogen na aanvaarding van de erfenis of gaan ermee vandoor. Deze laatsten lopen de kans om zelf vervolgd te worden wegens witwassen omdat zij crimineel vermogen voorhanden hebben. Door deze witwasvervolging kan de criminele erfenis hen worden ontnomen. In dit boekje gaan we in op deze verschillende scenario’s en welke mogelijkheden er zijn voor het ontnemen van criminele erfenissen via het strafrecht. Ook kijken we naar de tekortkomingen van de huidige strafrechtelijke aanpak van criminele erfenissen en doen een aanzet tot mogelijke verbeteringen daartoe. Leeswijzer. Dit boekje begint met een hoofdstuk over de situaties waarin sprake is van een criminele erfenis (hoofdstuk 2). Zoals hierboven is aangestipt, hangen de mogelijkheden om criminele erfenissen strafrechtelijk aan te pakken af van de manier waarop erfgenamen of derden op een criminele erfenis reageren. Deze verschillende reacties hebben wij in een aantal scenario’s gevat. Hiermee geven we u een beeld van de soort situaties waarop dit boekje van toepassing is. Vervolgens bespreken we het uitgangspunt dat een overledene niet meer mag worden vervolgd of bestraft (hoofdstuk 3). Als gevolg van dit uitgangspunt komt niet de overleden erflater zélf, maar de erfgenamen of derden die de criminele erfenis in handen hebben, via een witwasvervolging met het strafrecht in aanraking. In het volgende hoofdstuk behandelen we daarom de belangrijke elementen van de witwasvervolging van erfgenamen of derden ter ontneming van de criminele erfenis (hoofdstuk 4). Hierop volgt een korte bespreking van de beperkingen van de huidige strafrechtelijke aanpak van criminele erfenissen waarin de witwasvervolging van erfgenamen of derden centraal staat (hoofdstuk 5). Door deze beperkingen is het niet altijd mogelijk om de criminele erfenis via een witwasvervolging te ontnemen van erfgenamen of derden. De demissionair minister van Justitie en Veiligheid wil hiertoe een oplossing bieden door in Nederland een nieuwe procedure voor het ontnemen van crimineel vermogen te introduceren: non-conviction based confiscation. Deze nieuwe vorm van ontneming gaat direct achter het criminele vermogen aan, zonder dat hierbij een strafrechtelijke veroordeling van de erfgenamen of derden nodig is. In het voorlaatste hoofdstuk bespreken we deze nieuwe procedure en de mogelijke introductie hiervan in Nederland (hoofdstuk 6). In het laatste hoofdstuk grijpen we eerst terug op de in hoofdstuk 2 geïntroduceerde scenario’s en bespreken we de mogelijkheden om in deze situaties criminele erfenissen strafrechtelijk aan te pakken. We sluiten af met een kritische noot en een viertal aanbevelingen voor mogelijke verbeteringen van de huidige (strafrechtelijke) aanpak van criminele erfenissen (hoofdstuk 7).
Original languageDutch
PublisherReeks van het ATO (AanjaagTeam ondermijning)
Publication statusPublished - 27 Aug 2021
Externally publishedYes

Cite this